De rivier de Cèze ontspringt in de Cevennen, een voor het grootste deel nog ongerept en bergachtig gebied in het Centraal Massief. De Cevennen zijn sinds 1970 een nationaal park en staat sinds 2011 op de UNESCO werelderfgoedlijst. De Cevennen en de bovenloop van de Cèze onderscheiden zich in veel opzichten van de regio Valcèzard langs de benedenloop van de rivier. Waar de Valcèzard een glooiend, tamelijk open landschap met wijngaarden en kleine dorpjes heeft, geven de Cevennen een veel woester en onbewoonder landschap te zien. Bergen tot zo'n 1500 meter hoogte, uitgestrekte donkere bossen en slechts hier en daar menselijke bewoning.
De Cevennen liggen in het zuidoosten van Frankrijk; het grootste deel ligt op de grens van de départementen Gard en Lozère. In de Cevennen ontspringt een aantal rivieren, waaronder de Cèze en de Ardèche.
Middelgebergte De Cevennen zijn een typisch middelgebergte met een vulkanische oorsprong. Graniet en leisteen vormen de voornaamste gesteenten. Overigens is aan die oorsprong ook te danken, dat de Cevennen in de 18e en vooral 19e eeuw een zekere economische ontwikkeling hebben doorgemaakt en er zelfs spoorlijnen werden aangelegd. In die periode was de mijnbouw sterk in opkomst en de steenkool moest afgevoerd worden. De stoommachines moesten blijven draaien. In de tweede helft van de 20e eeuw kwam er geleidelijk een einde aan de mijnbouw; tegenwoordig drijft de economie vooral op toerisme en kleinschalige landbouw.
Goudzoeken Steenkool is niet de enige delfstof in de Cevennen. Er zijn ook economisch niet interessante hoeveelheden ijzer, tin, lood, goud en zilver aangetroffen. Hebt u de moeite er voor over, dan kunt u nog steeds (miniscule schilfertjes) goud aantreffen in de rivieren die in de Cevennen ontspringen. De Association KINEMATIKOS - AUREA leert u in een paar uur hoe u met behulp van een zeef het goud uit de Cèze kunt winnen.
Toerisme De Cevennen vormen eigenlijk een heel merkwaardig stukje Frankrijk met behoorlijk primitieve trekjes. Aan de rand van het gebied zijn nog wel een paar stadjes, maar dieper (en hoger) in de Cevennen is het vrijwel onbewoond. Een paar verspreide gehuchten, eenzame boerderijen en adembenemend veel natuur. Dat maakt de streek natuurlijk erg aantrekkelijk voor mensen die houden van rust, stilte en natuur. Mensen ook, die niet voortdurend behoefte hebben aan moderne gemakken als mobiele telefoon, draadloos internet en televisie ontvangst.
Klimaat De Cevennen profiteren vooral in de zomer van het prettige mediterrane klimaat. De zomers zijn betrekkelijk warm, hoewel de temperatuur natuurlijk wel afneemt met de hoogte. Berucht zijn de af en toe optredende "orages cevenols": plaatselijke regenbuien die in korte tijd een enorme neerslag geven, vaak vergezeld van heftig onweer. Die buien kunnen enkele uren, maar ook enkele dagen duren, blijven vaak op één plaats hangen en zorgen er voor dat de verschillende rivieren die in de Cevennen ontspringen binnen korte tijd enorme hoeveelheden water moeten verwerken. De Cèze is dan plotseling niet meer het vriendelijke stroompje, waarin je kunt pootjebaden en spelevaren, maar een woest kolkende, gevaarlijke rivier, die hele bomen, rotsblokken en grote hoeveelheden modder meesleept. Op de foto rechts ziet u de brug over de Cèze nabij Saint André de Roquepertuis aan de weg tussen Goudargues en Montclus ongeveer een dag na zo'n bui. De winters in de Cevennen kunnen best koud zijn, vooral boven de 500 tot 600 meter. Er is zelfs af en toe sprake van een bescheiden wintersport, als er tenminste voldoende sneeuw is gevallen. De Cevennen kennen vrij grote klimatologische verschillen, die deels te maken hebben met de hoogteverschillen en deels met de overgang van mediterraan naar landklimaat. Daardoor kennen de Cevennen ook een enorme variatie in de flora en fauna.
De mensen Cevenols, zoals de bewoners van de Cevennen worden genoemd, lijken erg op bewoners van andere bergachtige gebieden: nogal stug en gereserveerd en weinig uitbundig. Je leert ze niet makkelijk kennen. Wars van allerlei fratsen, eigenzinnig, zeer gesteld op hun vrijheid en onafhankelijkheid en met een groot wantrouwen tegen allerlei autoriteiten, zeker van buiten de eigen streek. Illustratief is dat in het katholieke Frankrijk veel Cevenols een protestantse godsdienst aanhangen en dat de Cevennen van oudsher een schuilplaats zijn voor rebellen. Nadat Lodewijk de Veertiende het Edict van Nantes, dat Franse burgers godsdienstvrijheid garandeerde, herriep, ontstond van hieruit in het begin van de 18e eeuw een echte guerilla-oorlog.
De steden en dorpen Zoals gezegd zijn de Cevennen voor het grootste deel nauwelijks bewoond. Veel steden en dorpen zijn er dan ook niet en de plaatsen die er zijn moeten het ook zeker niet hebben van hun architectuur of van hun charmante uitstraling. De Cevennen zijn altijd arm geweest en hebben pas enige economische ontwikkeling meegemaakt tijdens de Industriële Revolutie. Dat zie je terug in de architectuur en in de stedebouw: rommelig, industriëel, goedkoop en tegenwoordig op veel plaatsen danig in verval. Enkele gemeenten pakken de laatste jaren, sinds de opkomst van het groene en eco-toerisme de zaken voortvarend aan en proberen zoveel mogelijk van hun erfgoed te restaureren en hun gemeente aantrekkelijker te maken. Het zijn helaas nog uitzonderingen. De meeste gemeenten hebben er gewoonweg het geld niet voor. Jammer, dat wel.
ceze.fr: onafhankelijke (toeristische) informatie over de streken langs de rivier de Cèze en met name de regio Valcèzard (de Vallée de la Cèze en Zuid-Ardèche) en daaraan grenzende regio's in Zuid-Frankrijk.